Cognitieve gedragstherapie
Cognitieve gedragstherapie is een behandeling waarbij pijn of andere klachten worden aangepakt door veranderingen aan te brengen in de sociale omgeving en in gedrag, houding, gedachtes en opvattingen over pijn. De therapie gaat uit van het gegeven dat pijn een invloed heeft op het psychisch functioneren en andersom.
De cognitieve gedragstherapie gaat ervan uit dat gedachten, gevoelens en gedrag op een bepaalde manier met elkaar verbonden zijn. Pijn is niet alleen het gevolg van een aandoening of ziekte maar hangt ook af van andere factoren. Dit zijn bijvoorbeeld de overtuiging en verwachtingen van de patiënt, de angst om te bewegen, psychische stress, het ziektegedrag en sociale factoren.
Cognitieve gedragstherapie is gericht op bewustwording van de oorzaak van pijn en op verandering van de pijnbeleving en functiebeperkingen. Dit gebeurt door middel van technieken zoals afleiding en het veranderen van ongewenste gedachtes, gevoelens en houdingen.
Vaak wordt deze vorm van therapie gebruikt in combinatie met andere therapieën zoals oefentherapie of rugscholing.
(Pat Coughlin)In de eerste plaats wordt cognitieve gedragstherapie gebruikt voor diverse psychische klachten, zoals angsten of fobieën en depressiviteit. Maar ook klachten als chronische vermoeidheid, slaapproblemen of langdurige lichamelijke klachten zoals lage rugpijn kunnen voor deze behandeling in aanmerking komen. Vooral mensen met bewegingsangst kunnen er beter door gaan functioneren.
Het is niet aangetoond dat cognitieve gedragstherapie ook helpt tegen lage rugpijn.
Cognitieve gedragstherapie wordt toegepast door een psycholoog of psychotherapeut.