Bloedonderzoek

Wat is het?
Een laboratoriumbuisje voor bloedonderzoek Een laboratoriumbuisje voor bloedonderzoek (Peter Raneri)

Bij bloedonderzoek wordt bloed onderzocht om een aandoening op te sporen. Er zijn verschillende soorten bloedonderzoek. Hieronder worden ze beschreven:

Hematologisch onderzoek
Hematologisch onderzoek is bedoeld om een indruk te krijgen van de toestand van de bloedcellen. Er zijn drie soorten bloedcellen, elk met een eigen functie:

1. de rode bloedcellen vervoeren zuurstof door het lichaam
2. de witte bloedcellen hebben een functie bij de afweer van ziekteverwekkers die het lichaam binnendringen
3. de bloedplaatjes zijn belangrijk voor de bloedstolling en daarmee voor het tegengaan van bloedverlies

Hematologisch onderzoek geeft informatie over het aantal, de vorm, de grootte en de structuur van die drie soorten bloedcellen. Dit onderzoek is vooral nuttig bij mensen met bloedarmoede, infecties, leukemie of stoornissen in de bloedstolling.

Microbiologisch onderzoek
Infecties kunnen worden opgespoord door bloed microbiologisch te onderzoeken. Een van de meest gangbare microbiologische tests is een kweek. Hierbij wordt wat bloed op een voedingsbodem of kweekmedium aangebracht om eventueel in het bloed aanwezige bacteriŽn te laten groeien. Men kan dan vaststellen welke bacterie het is en hoe deze moet worden behandeld.

Serologisch onderzoek
Dit is onderzoek van het serum, de heldere bloedvloeistof die overblijft als de cellen naar beneden zijn gezakt in een buisje.
Het lichaam verdedigt zichzelf tegen aanvallen van buitenaf door zijn afweerstelsel, het immuunsysteem, dat bestaat uit witte bloedcellen en een groep eiwitten, de zogeheten antistoffen. Door het type antistof te identificeren, kan makkelijker worden vastgesteld om wat voor infectie het gaat. Voorbeelden van serologisch onderzoek zijn de tests voor hepatitis B (een virusinfectie van de lever) en de ziekte van Lyme (veroorzaakt door een bacterie).

Biochemisch onderzoek
Bij biochemisch onderzoek wordt het gehalte van bepaalde stoffen (suiker, elektrolyten en eiwitten) in het bloed bepaald. Aangezien verschillende stoffen door verschillende organen worden verwerkt, kunnen deze onderzoeken problemen met een bepaald orgaan aan het licht brengen. Biochemisch onderzoek wordt bijvoorbeeld vaak ingezet voor onderzoek naar de lever- en nierfunctie. Maar het kan ook 'bewijs' leveren voor een recent doorgemaakt hartinfarct. Dit door aan te tonen dat het gehalte van een bepaald eiwit in het bloed hoger is dan normaal.

Er bestaan nog allerlei andere soorten bloedonderzoek.


Hoe gaat het in zijn werk?
Voorbereiding bloedprikken Voorbereiding bloedprikken (Erasmus MC Levien Willemsen)

Meestal wordt het bloed afgenomen door een zogeheten bloedprik (vena punctie). Hierbij wordt een naald via de huid in een ader gestoken en wordt met een vacuŁm buisje bloed opgezogen, meestal 5 tot 10 ml.
De aderen aan de binnenkant van de elleboog zijn hier het meest geschikt voor.

Als er een heel kleine hoeveelheid bloed nodig is, kan de arts volstaan met een prikje in de vinger (vingerprik) of oorlel met een zogeheten lancet. De druppel bloed die eruit komt, wordt opgevangen in een dun buisje of op filtreerpapier.

Online bronnen: Medicinfo.nl

Woordenlijst
Links