Recht op privacy

Wat is het?
Medische dossiers Medische dossiers (Sean McBride)

Het recht op privacybescherming is vastgelegd in de Nederlandse Grondwet. Iedereen heeft recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en op onaantastbaarheid van het lichaam.
In de wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO, 1995) is vastgelegd dat behandelaars de privacy van patiënten moeten respecteren.


Goed om te weten

Persoonlijke en medische gegevens en de inhoud van gesprekken met behandelaars moeten geheim worden gehouden. Alleen behandelaars die bij de behandeling betrokken zijn mogen op de hoogte zijn van de situatie. Behandelaars mogen geen informatie doorgeven aan partner, familie of vrienden als de patiënt daar geen toestemming voor heeft gegeven.

De patiënt heeft recht op inzage in het eigen medisch dossier; hij mag ook een kopie vragen. Alleen de patiënt en de behandelaars die hem behandelen mogen het dossier inzien. Patiënten die het niet eens zijn met de inhoud, kunnen hun hulpverlener verzoeken om deze aan te passen of ze kunnen een eigen verklaring toevoegen.

Behandelaars mogen niet zonder toestemming lichamelijk onderzoek doen of een behandeling geven. Lichamelijk onderzoek en ander medisch onderzoek mogen ook niet gedaan worden als er andere mensen mee kunnen kijken die niet bij de behandeling betrokken zijn. Natuurlijk mag er als het kan, wel een familielid of vriend bij blijven om de patiënt te steunen.

De behandelaar mag de patiënt alleen behandelen als deze toestemming geeft. Vaak gaan behandelaars stilzwijgend van toestemming uit. Bij ingrijpende behandelingen wordt uitdrukkelijk om toestemming gevraagd. In acute situaties, als de patiënt buiten kennis is, hoeft de behandelaar geen toestemming van de patiënt af te wachten.
Soms weigert iemand een behandeling die volgens een arts medisch noodzakelijk is. Een arts kan een patiënt dan een verklaring laten ondertekenen waaruit blijkt dat deze de behandeling weigert.

Bij kinderen tot twaalf jaar beslissen de ouders of voogd, kinderen tussen twaalf en zestien jaar beslissen samen met hun ouders of voogd over toestemming voor een behandeling. Vanaf zestien jaar beslissen mensen zelfstandig.

Iemand die niet in staat is om zelf te beslissen (bijvoorbeeld wegens dementie of coma), kan door een ander vertegenwoordigd worden. Dat kan een officieel benoemde curator zijn, of een familielid of partner. Deze vertegenwoordiger besluit in het belang van de patiënt. In een wilsverklaring kunnen patiënten hun wensen vastleggen om niet behandeld te worden, voor het geval ze zelf niet meer kunnen beslissen.

Online bronnen: Artsennet

Links